leestijd

De vier pijlers van de diabetes behandeling

Het uitgangspunt van een goede diabetesbehandeling is een goed geregelde glycemie en de preventie van chronische complicaties op lange termijn. De diabetesbehandeling steunt op vier pijlers die allemaal even belangrijk zijn: voeding, medicatie, beweging en voorlichting.

4 pijler van diabetes_sport

Diabetes en voeding

De tijd dat mensen met diabetes een streng dieet moeten volgen is voorbij. Mensen met diabetes moeten hun voeding, in het bijzonder hun koolhydraatinname, hun medicatie en hun mate van fysieke activiteit op elkaar afstemmen met het oog op een normoglycemie. De basis van de voedingstherapie bestaat erin om mensen met diabetes een gezonde voeding aan te bieden. De voedingsdriehoek vormt de basis. Het is cruciaal dat kinderen en adolescenten met diabetes voldoende voedingsstoffen blijven innemen om normaal te groeien en zich optimaal te ontwikkelen. Volwassen personen moeten gezond op gewicht blijven of gezond vermageren indien nodig. Afhankelijk van de behandeling (antidiabetica en/of insuline) en de leefstijl van de patiënt moet het voedingsadvies verder individueel worden aangepast. 

De voedingstherapie van diabetespatiënten moet bijdragen tot de volgende algemene doelstellingen:

  • Een gezonde, gevarieerde en evenwichtige voeding met individueel aangepaste porties om de algehele gezondheid van de patiënt te behouden of te verbeteren;
  • Over het algemeen de HbA1c-waarde* onder 7% houden of brengen. Bij sommige patiënten kan een striktere (< 6,5%) of een minder strikte (< 8%) HbA1c-waarde worden nagestreefd;
  • Gezonde bloedlipidenwaarden bekomen of nastreven, zoals een LDL-cholesterolwaarde van lager dan 100 mg/dl;
  • De bloeddruk lager dan 140/90mmHg nastreven;
  • Een gezond gewicht en middelomtrek behouden of nastreven;
  • Streven naar rookstop;
  • Diabetescomplicaties op zowel de korte als lange termijn voorkomen of uitstellen.

* Hemoglobine is een eiwit dat in de rode bloedcellen zit. HbA1c is hemoglobine met glucose eraan of “versuikerde” (geglyceerde) hemoglobine. Als glucose eenmaal aan hemoglobine vastzit, blijft dat zo zolang de rode bloedcel leeft. De rode bloedcellen worden gemiddeld na 120 dagen vervangen. Hoe meer glucose er in het bloed zit, hoe meer “versuikering” er optreedt. Regelmatig het HbA1c controleren is daarom een goede manier om een beeld te krijgen van de gemiddelde bloedglucosewaarden en van het effect van een voedingstherapie.

Lees meer over diabetes en voeding

Diabetes en gezond gewicht

De toenemende prevalentie van diabetes type 2 is gecorreleerd met de stijgende prevalentie van obesitas. Diabetespatiënten met overgewicht (vooral abdominaal) lopen meer gezondheidsrisico’s dan diabetespatiënten met een goed lichaamsgewicht. Abdominaal overgewicht hangt samen met een hoge insulineresistentie, dyslipidemie, een verhoogde bloeddruk en bijgevolg ook een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.
Gewichtsverlies verlaagt het risico op hart- en vaatziekten, verbetert de insulineresistentie (door te vermageren kunnen de weefels terug gevoeliger worden voor de nog aanwezige insuline in het lichaam), draagt bij tot een betere glycemieregeling en een verlaging van de bloedlipiden en de bloeddruk.
Om gewichtsverlies te bekomen, moet er een negatieve energiebalans worden gecreëerd.  Op basis van goed uitgevoerde voedingsinterventies met het oog op gewichtsreductie kan worden geconcludeerd dat elke energiebeperking aanleiding geeft tot gewichtsreductie. Om ook een duurzaam gewichtsverlies te bekomen, moet de aanpassing van de voedingsgewoonten vertrekken vanuit de huidige persoonlijke eetgewoonten. Er wordt gestreefd naar een gewichtsreductie van 5 à  10 %. Bij een verhoogde buikomtrek wordt gestreefd naar een vermindering van 10%.
Hoewel overgewicht vooral voorkomt bij diabetes type 2, kan ook bij zwaarlijvige personen met diabetes type 1 gewichtsverlies de insulinebehoefte verminderen en de glycemieregeling verbeteren.

Diabetes en medicatie

Bij de diagnose van diabetes type 1 wordt altijd gestart met medicatie. Bij diabetes type 2 ligt dit anders. Wanneer een aanpassing van de leefstijl onvoldoende blijkt, kan ook bij diabetes type 2 medicatie nodig zijn. Afhankelijk van het stadium of de nood worden er orale antidiabetica (OAD) toegediend. Indien een therapie met OAD ontoereikend is voor een normalisatie van de glycemie, moet een behandeling met insuline worden opgestart.
Medicatie, voeding (vooral de hoeveelheid koolhydraten in de voeding) en de mate van lichaamsbeweging beïnvloeden elkaar en kunnen bijgevolg nooit los van elkaar worden beschouwd. Een goed evenwicht tussen medicatie, voeding en lichaamsbeweging is en blijft op elk moment belangrijk.

Kan insulinetherapie gepaard gaan met gewichtstoename?

Insulinetherapie kan gepaard gaan met gewichtstoename. Dit komt omdat de glucose beter wordt opgenomen wanneer men overschakelt op insuline. De hoeveelheid ingenomen koolhydraten wordt in feite beter benut. Dit heeft tot gevolg dat de spier- en vetmassa verhoogt.
Bij de opstart van insuline alsook bij het gebruik van orale antidiabetica moet het gewicht strikt worden opgevolgd. In geval van te veel gewichtstoename zijn naast de richtlijnen voor een goede diabetesvoeding verdere aanpassingen van het voedings- en bewegingspatroon onder begeleiding van een diëtist noodzakelijk. Gewichtstoename mag echter geen reden zijn om een behandeling met insuline of orale antidiabetica af te wijzen of uit te stellen.

Lees meer over orale antidiabetica en insuline

Diabetes en educatie

De voedingseducatie van diabetespatiënten is erop gericht om patiënten en hun familie inzicht bij te brengen over de voedingsmiddelen die koolhydraten aanbrengen - en dus de bloedglucose beïnvloeden - en over het samenspel tussen koolhydraten, insuline of andere diabetesmedicatie en het activiteitenpatroon. De bedoeling is dat diabetespatiënten hun voedingsschema zelf adequaat kunnen aanpassen naargelang de situatie (zelfmanagement). In de educatie moet rekening worden gehouden met het kennisniveau en de vaardigheden van elke individuele patiënt (bv. lezen, rekenen, de mogelijkheid om een insulinedosis aan te passen).

Diabetes en beweging

Ter preventie van overgewicht of in het kader van gewichtsverlies is het belangrijk om fysieke activiteit te stimuleren. Daarnaast moeten mensen met diabetes die sporten rekening houden met het effect hiervan op hun diabetesregeling. Het is belangrijk om de voeding, de medicatie én de lichaamsbeweging altijd goed op elkaar af te stemmen. Een individueel aangepast advies kan in overleg met de arts, de diabeteseducator en de diëtist worden opgesteld. 

Voordelen van bewegen en regelmatig sporten bij diabetes

Bij mensen met diabetes type 2 verbetert het de insulinegevoeligheid, het glucosemetabolisme en het bloedlipidenprofiel. Het kan ook een onrechtstreeks gunstig effect hebben op de diabetesregeling dankzij gewichtsverlies. Bewegen zorgt voor:

  • betere glucoseopname ter hoogte van de spieren;
  • verbeterde insulinegevoeligheid en daardoor een vermindering van orale medicatie bij diabetes type 2 patiënten.
  • minder kans op gewichtstoename;
  • verhoogde vetoxidatie;
  • meer spiermassa, wat zorgt voor een verhoogde BMR (Basal Metabolic Rate)
  • betere conditie
  • beter psychisch welbevinden en meer levenskwaliteit:
Aandachtspunten bij bewegen en regelmatig sporten bij diabetes

Een diabeet die wil gaan sporten moet zeker de impact van fysieke activiteit op de glycemie kennen. De bloedsuikerspiegel is tijdens een inspanning afhankelijk van de insulinespiegel en de bloedsuikerspiegel op het moment van de start van de inspanning. Als er op dat moment nog basale insuline of maaltijdinsuline actief is, kan er tijdens de inspanning een hypoglycemie optreden. Daarnaast heeft ook de duur en de intensiteit van de activiteit invloed op de glycemie. De koolhydraatinname moet daarom worden aangepast in functie van het type sport (bv. voetbal, lange afstandsloop, wielrennen). Men moet eveneens bedacht zijn op een mogelijk post-effect van sporten. Tot 24 uur na de geleverde sportinspanningen kan zich een hypoglycemie voordoen. De hoeveelheid koolhydraten (en insuline) zal mogelijks zowel voor, tijdens als na de sportbeoefening moeten worden bijgestuurd.

Lees meer over diabetes en beweging

Referenties
  1. Diabetes Liga vzw, Commissie Voeding. Voedingsprotocol bij diabetes. Gent, 2019: 3 – www.diabetes.be
  2. Evert AB, Boucher JL, Cypress M, Dunbar SA, Franz MJ, Mayer-Davis E J, Yancy WS. Nutrition Therapy Recommendations for the Management of Adults With Diabetes. Diabetes Care 2014; 37: S120-S143
  3. Robertson K, Riddell MC, Guinhouya BC, Adolfsson P, Hanas R. Exercise in children and adolescents with diabetes. Pediatr Diabetes 2014; 15 (Suppl 20): 203-223

Meer weten over diabetes of andere ziekten?

Diabetes Liga

Diabetes of suikerziekte is een chronische ziekte waarbij het suikergehalte in het bloed te hoog is. Er bestaan evenwel verschillende types.

Diabetes

Diabetes is een groeiend gezondheidsprobleem. De behandeling beoogt een goed geregelde glycemie en de preventie van chronische complicaties op lange termijn.

Ziekte & intolerantie

Soms volstaat gezonde voeding niet en is specifiek voedingsadvies van een diëtist noodzakelijk. Lees meer over voeding bij ziekte en intolerantie.

OP DEZE PAGINA