Additieven en E-nummers

Leestijd: 5 min

Additieven en E-nummers worden aan voedingsmiddelen toegevoegd om bepaalde eigenschappen van een product te verbeteren, te veranderen of net te behouden, zoals een langere houdbaarheid, een stabiele textuur of een uniforme kleur. Ze spelen een belangrijke rol in de voedselproductie, maar roepen ook vragen op bij consumenten.

Laatst bewerkt op: 16 februari 2026
Gepubliceerd op: 7 december 2018
Additieven en E-nummers

Wat zijn additieven?

Additieven zijn stoffen die bewust aan voedingsmiddelen worden toegevoegd om de eigenschappen van een product vanuit technologisch of commercieel oogpunt te verbeteren of te veranderen. Ze kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt om bederf tegen te gaan, de structuur te verbeteren of een product aantrekkelijker te maken. Ze worden niet toegevoegd omwille van hun voedingswaarde, al kunnen sommige additieven wel een beperkte hoeveelheid)energie leveren, zoals bepaalde polyolen.
 

Wat zijn E-nummers?

Een E-nummer is de code voor een additief dat in de Europese Unie is toegelaten voor gebruik in levensmiddelen. Het nummer zegt niets over de “natuurlijkheid” of “ongezondheid” van een stof, maar geeft enkel aan dat ze werd beoordeeld en gereglementeerd op Europees niveau.
 

Voorwaarden voor wettelijke toelating

Een additief of E-nummer mag enkel worden gebruikt wanneer:

  • het na wetenschappelijke evaluatie veilig wordt bevonden voor de consument en geen gezondheidsrisico’s oplevert;
  • het technologisch noodzakelijk is en er geen andere geschikte methode is om het gewenste effect te bereiken;
  • het de consument niet misleidt over de aard of kwaliteit van het product.

De veiligheid van additieven wordt beoordeeld door de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA). Voor veel additieven wordt daarbij een aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) vastgesteld. Additieven worden bovendien regelmatig opnieuw geëvalueerd in het licht van nieuwe wetenschappelijke inzichten. Producten met additieven die niet in Europa zijn toegelaten, mogen niet worden geïmporteerd en verkocht in Europa en dus ook niet in België.
 

Additieven en E-nummers op het etiket

In de ingrediëntenlijst moeten additieven altijd worden vermeld met hun functionele klasse, gevolgd door hun volledige naam of het overeenkomstige E-nummer, bijvoorbeeld: “kleurstof: curcumine” of “conserveermiddel: E250”.
 

Zijn additieven en E-nummers veilig?

Rond additieven en E-nummers bestaan veel misverstanden. Zo wordt soms gedacht dat alle additieven ongezond zijn, hyperactiviteit veroorzaken bij kinderen of kankerverwekkend zouden zijn. Voor de meeste additieven is daar geen wetenschappelijke onderbouwing voor, zolang ze worden gebruikt binnen de vastgelegde voorwaarden.

Er zijn lijsten met E-nummers in omloop die verkeerde informatie verschaffen. De enige juiste E-nummertabel is degene die door de Europese Unie is opgesteld en in de warenwetgeving is opgenomen.
 

Soorten additieven

  • Kleurstoffen (E 100-180): worden gebruikt om een product kleur te geven of de bestaande kleur te versterken. Terwijl het correct gebruik van sommige additieven zoals bewaarmiddelen goed te verantwoorden is inzake voedselveiligheid, staat het nut van kleurstoffen en smaakversterkers eerder ter discussie omdat zij in principe niet nodig zijn in producten met grondstoffen van goede kwaliteit. Zij krijgen vaak het verwijt producten beter te laten lijken dan ze in werkelijkheid zijn. Voor sommige kleurstoffen geldt een verplichte waarschuwing dat ze de activiteit of oplettendheid van kinderen nadelig kunnen beïnvloeden (4). 
  • Conserveer- of bewaarmiddelen (E 200-252): verlengen de houdbaarheid door de groei van bacteriën, schimmels en gisten te remmen.
  • Voedingszuren (E 260-297 en E 322-385): verhogen de zuurtegraad van een product, versterken de werking van antioxidantia en conserveermiddelen en werken kleurbehoudend.
  • Antioxidantia (E 300-321) vergroten de houdbaarheid van een product door kleurveranderingen en bederf tegen te gaan. Zij worden onder meer gebruikt om het ranzig worden van vetten tegen te gaan.
  • Emulgatoren, stabilisatoren, verdikkings- en geleermiddelen (E 400-495): verbeteren of behouden de textuur van voedingsmiddelen. Emulgatoren maken het bijvoorbeeld mogelijk twee niet-mengbare producten zoals water en olie te mengen wat nodig is om onder meer sauzen te kunnen bereiden. Stabilisatoren zorgen er dan weer voor dat de menging van twee niet-mengbare stoffen gehandhaafd blijft.
  • Zuurteregelaars, antiklontermiddelen en rijsmiddelen (E 500-585)
  • Smaakversterkers (E 620-650): versterken de natuurlijke smaak van een product.
  • Glansmiddelen en antischuimmiddelen (E 900-914)
  • Meelverbeteraars (E 920-928): worden aan meel of deeg toegevoegd om de bakeigenschappen te verbeteren of het meel witter te maken.
  • Verpakkingsgassen (E 938-949): verlengen de houdbaarheid van een product door het contact met zuurstof te voorkomen. Op het etiket wordt dit vermeld als “verpakt onder beschermende atmosfeer”.
  • Zoetstoffen (E 950-967 en E 420-421): geven een product een zoete smaak zonder de hoeveelheid calorieën sterk te verhogen. Ze worden vaak gebruikt in lightproducten en kauwgum.
  • Overige hulpstoffen (E 900-1520) zoals gemodificeerd zetmeel (niet te verwarren met genetisch gemodificeerd) en enzymen.

Sommige stoffen die vaak met additieven worden verward, zijn volgens de Warenwetgeving geen additieven en dragen daarom geen E-nummer. Voorbeelden hiervan zijn geur- en smaakstoffen. Zij worden in de ingrediëntenlijst aangeduid met de term ‘aroma’s’.
 

Veranderingen en herbeoordelingen

De regelgeving rond additieven evolueert voortdurend. Wanneer nieuwe wetenschappelijke inzichten beschikbaar komen, kan een additief opnieuw worden beoordeeld. Zo werd titaandioxide (E171) sinds 2022 niet langer toegelaten als voedseladditief in de Europese Unie, omdat het niet zeker was of gebruik van E 171 in voedsel veilig was (3,5).
 

Kiezen voor minder additieven

Het huidige gebruik van toegelaten additieven in voedingsmiddelen levert in het algemeen geen risico voor de gezondheid. Wie de inname van additieven toch wil beperken, kiest best voor zoveel mogelijk onbewerkte producten. Het lezen van de ingrediëntenlijst helpt om een beter inzicht te krijgen in welke stoffen aan een product zijn toegevoegd.
 

Referenties
  1. EFSA. Food additives. Beschikbaar via https://www.efsa.europa.eu/en/topics/topic/food-additives. Geraadpleegd op 2 februari 2026.
  2. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen. Additieven. Beschikbaar via https://favv-afsca.be/nl/themas/voeding/voeding-produceren-en-verkopen/additieven. Geraadpleegd op 2 februari 2026.
  3. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Verbod op titaniumdioxide in voedingsmiddelen treft ook andere producten. Beschikbaar via https://www.rivm.nl/nanotechnologie/wet-en-regelgeving/verbod-op-titaniumdioxide-in-voedingsmiddelen-treft-ook-andere-producten. Geraadpleegd op 2 februari 2026.
  4. Verordening (EU) nr. 1333/2008 inzake levensmiddelenadditieven. Beschikbaar via https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A02008R1333-20251104. Geraadpleegd op 2 februari 2026.
  5. Verordening (EU) nr. 2022/63 tot wijziging van de bijlagen II en III bij Verordening (EG) nr. 1333/2008 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het levensmiddelenadditief titaandioxide (E 171). Beschikbaar via https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32022R0063. Geraadpleegd op 2 februari 2026.

Meer weten over het voedingsetiket?

Experten aan het woord - 'Clean label' of schone schijn

De professoren Frank Devlieghere en Bruno De Meulenaer nemen de term ‘clean label’ kritisch onder de loep en waarschuwen voor zorgelijke tendenzen.

De lijst van ingrediënten lezen en begrijpen

De lijst van ingrediënten geeft inzicht over wát er in het product zit. Het hoofdingrediënt? Die vind je snel terug in de ingrediëntenlijst.

INFOGRAFIEK - Het etiket lezen en begrijpen
Gratis Materiaal

INFOGRAFIEK - Het etiket lezen en begrijpen

Nutritionele info op het etiket lezen en begrijpen. Waarop moet je letten?

OP DEZE PAGINA