leestijd

Borstvoeding

Tijdens de eerste maanden van zijn leven is een kind voor zijn groei en ontwikkeling volledig aangewezen op melkvoeding. Borstvoeding of moedermelk is zonder enige twijfel de beste voeding voor zuigelingen.

Veel gestelde vragen over borstvoeding

Raadpleeg hier de aanbevolen dagelijkse inname voor vrouwen tijdens de lactatieperiode

 

Waarom is borstvoeding de beste voeding voor mijn baby?

Borstvoeding is als het waren een levend product met een unieke wisselende samenstelling die is afgestemd op de behoefte van de baby. Borstvoeding bevat bijna alle voedingstoffen die een baby tot 6 maanden nodig heeft in voldoende mate, behalve de vitaminen K en D. Vandaar dat suppletie van beide nodig is. 

Wetenschappelijk onderzoek heeft belangrijke voordelen van borstvoeding aangetoond op tal van gebieden in verband met de gezondheid van moeder en kind (nutritioneel, immunologisch, ontwikkeling, sociaal, economisch). Borstvoeding (na 6 maanden aangevuld met vaste voeding) kan worden gegeven tot het tweede levensjaar of langer, zolang moeder en kind het wensen.

Wat eet ik het best als ik borstvoeding geef?

Borstvoeding geven vraagt meer energie en ook wat extra voedingsstoffen. Het blijft dus ook na de zwangerschap belangrijk om wat extra op de voeding te letten. In geval van energie- en andere voedingstekorten gaat de melkproductie gewoon verder maar wel ten koste van de eigen lichaamsreserves. Het gevolg is dat jonge moeders zich moe en neerslachtig kunnen voelen en mogelijk te snel afvallen.

Extra energie en voedingsstoffen kunnen gemakkelijk worden gehaald uit bijvoorbeeld een extra volkoren boterham, een beker melk of yoghurt, meer groenten en minstens twee stukken fruit per dag. Voldoende drinken (ongeveer 2 liter per dag) blijft belangrijk om het verhoogde vochtverlies via transpiratie en moedermelkproductie aan te vullen. Blijf echter matig met cola, thee en koffie omdat ze cafeïne bevatten en vermijd alcohol. Alcohol komt via de moedermelk bij de baby terecht en kan zijn ontwikkeling benadelen.

Bevorderen bepaalde voedingsmiddelen de melkproductie?

Kunnen donker bier, bepaalde kruidenthee, kruidenmengsels, enz. de melkproductie bevorderen? Dit is wetenschappelijk nooit aangetoond. De werking ervan lijkt eerder psychologisch. Overdrijf nooit met dergelijke middeltjes. Donker bier bevat bovendien alcohol en is om die reden af te raden tijdens de lactatieperiode. Wees ook extra voorzichtig met het gebruik van medicinale kruiden. Sommige kunnen een nadelige werking hebben.

Is er een verband tussen mijn voeding en de spijsverteringsproblemen bij mijn baby?

Uien, look, e.d. zouden krampen geven bij de baby. Wetenschappelijk bewijs hiervoor bestaat niet. Zolang de baby nergens last van heeft, is het onnodig om voedingsmiddelen weg te laten. Als er uit voorzorg te veel voedingsmiddelen worden weggelaten, kan dit trouwens resulteren in een eenzijdige voeding met risico’s van voedingstekorten. Laat alleen voedingsmiddelen weg waarvan duidelijk blijkt dat de baby ze niet goed verdraagt of helemaal niet lust. Variatie blijft belangrijk voor een evenwichtige aanbreng van voedingsstoffen maar het draagt ook bij tot een belangrijk pluspunt van borstvoeding, namelijk dat de baby smaken leert kennen via de voeding van de moeder.

In geval van ernstige klachten bij de baby zoals diarree en uitslag raadpleegt men best de arts voor een deskundig advies.

Mag ik een dieet volgen als ik borstvoeding geef?

Tijdens de zwangerschap wordt een vetreserve opgebouwd. Deze reserve slinkt automatisch bij borstvoeding. Wie borstvoeding geeft, komt doorgaans sneller weer op gewicht dan wie zijn baby met de fles voedt. Borstvoeding geven en tegelijkertijd diëten kan de reserves zodanig uitputten dat de baby onvoldoende voedingsstoffen krijgt aangereikt. Door te lijnen kunnen er bovendien meer schadelijke stoffen (bv. dioxines) vrijkomen die in de vetcellen van de moeder zijn opgeslagen en desgevallend via de moedermelk aan het kind worden doorgegeven. Dit zijn echter geen redenen om helemaal niet op de voeding te letten: blijf gezond eten en beperkt de inname van overbodige calorieën door zoveel mogelijk onnodige tussendoortjes weg te laten.

Veel lightproducten bevatten kunstmatige zoetstoffen. Omdat er hierover nog onvoldoende specifiek wetenschappelijk onderzoek is bij kwetsbare groepen, worden ze bij borstvoeding afgeraden.

Moet ik extra vitaminen en mineralen slikken als ik borstvoeding geef?

Bij borstvoeding is er nood aan wat extra vitaminen en mineralen. Aan deze bijkomende aanbevolen hoeveelheden kan doorgaans met een goede voeding worden voldaan. Op enkele uitzonderingen na, bijvoorbeeld bij veganisten, is het dus meestal niet nodig om zelf extra vitaminen en mineralen te slikken. In geval van twijfel vraagt men best advies aan de arts.

Wat als ik geen borstvoeding kan of mag geven?

Als borstvoeding niet mogelijk is, is een aangepaste kunst- of zuigelingenvoeding op basis van bij voorkeur koemelk aanbevolen. Kunstvoeding of zuigelingenmelk dekt alle nutritionele behoeften tijdens de eerste levensmaanden van de zuigeling. Aan een volledige zuigelingenvoeding zijn alle vitaminen en mineralen in de juiste hoeveelheden toegevoegd waardoor suppletie niet nodig is.

Wetenschappelijke verenigingen zoals ESPGHAN (European Society of Paediatric Gastroenterology, Hepatology and Nutrition) hebben richtlijnen opgesteld en gepubliceerd waaraan kunstvoeding voor zuigelingen moet voldoen. Op basis van deze standpunten werden er zowel Belgische als Europese wetteksten gepubliceerd. Momenteel zit men in België in een transitieperiode tussen de nieuwe Europese wetgeving 2016/127 (gebaseerde op het wetenschappelijk advies van EFSA) en de oude Europese wetgeving 2006/141 die nog steeds geldig is tot begin 2020.

Wat als geen voeding op basis van koemelk mogelijk is?

Omdat soja-eiwit niet minder allergeen is dan koemelkeiwit, heeft een kunstvoeding op basis van soja geen plaats in de preventie en de initiële behandeling van een koemelkeiwitallergie gedurende de eerste 6 levensmaanden. In België zijn er geen zuigelingenvoedingen op basis van soja beschikbaar. Hydrolysaten zijn dan aangewezen. Kunstvoeding op basis van soja past evenmin in de aanpak van kolieken, vage voedingsproblemen en hypersecretie van de luchtwegen.

Moet ik iedere keer de flesjes en spenen steriliseren?

Vroeger luidde het advies om flessen en speentjes dagelijks te steriliseren tot de leeftijd van 6 maanden om een hygiënisch veilige voeding te garanderen. Uit onderzoek blijkt dat sterilisatie na ieder gebruik overbodig is. Sterilisatie wordt aangeraden vóór het eerste gebruik en na ieder gebruik bij prematuren en zieke kinderen tot 3 maanden. Voor gezonde zuigelingen is een grondige reiniging na gebruik met heet water en afwasmiddel voldoende.

Moet ik kraantjeswater of flessenwater gebruiken?

Voor de bereiding van flesvoeding wordt bij voorkeur flessenwater “geschikt voor de bereiding van babyvoeding” gebruikt (zie het etiket). In de regel moet water in flessen binnen de drie dagen na opening worden verbruikt. Een geopende fles wordt in de koelkast bewaard. De fles wordt best fles per fles bereid en niet in reeksen voor een ganse dag. Een flesvoeding kan zonder risico voor de gezondheid van de baby in de microgolfoven worden opgewarmd. Schud echter steeds zeer goed de fles na het verwarmen, zodat de warmte in de fles goed wordt verdeeld. Controleer ook altijd of de inhoud van de fles niet te heet is. Laat daarvoor enkele druppels melk lopen op de rug van de hand. Hou er ten slotte rekening mee dat een overdreven opwarming gevolgd door een afkoeling niet wenselijk is omdat er dan voedingsstoffen verloren gaan. Tracht daarom de ideale opwarmingstijd uit te zoeken.

Referenties
  1. Borstvoeding. Kind en Gezin, editie 2008
  2. Werkgroep Voeding van de Vlaamse Vereniging Kindergeneeskunde. Richtlijnen over borstvoeding en kunstvoeding voor zuigelingen van 0 tot 12 maand (9 oktober 2007) - te raadplegen via www.vvkindergeneeskunde.be > publicaties > richtlijnen
  3. www.kindengezin.be > ouder > voeding
  4. Breastfeeding and the use of human milk. American Academy of Pediatrics. Pediatrics 2005;115:463-506

OP DEZE PAGINA