Dysfagie vereist een geïntegreerde en evidence-based benadering van voeding bij slikproblemen. Die is tevens onderhevig aan wetenschappelijke en maatschappelijke ontwikkelingen. Wat is bijvoorbeeld de impact van nieuwe inzichten omtrent de eiwittransitie en nieuwe strategieën zoals ‘blended diets’ op basis van zelfgekozen volwaardige voedingsmiddelen? Belangrijk knelpunt blijft ook de nonchalance over het belang van levenslang leren. De impact van verouderde systemen kan funest zijn voor bepaalde patiënten.
BEKNOPT
- Dysfagie vereist een geïntegreerde en evidence-based benadering van voeding bij slikproblemen. Up-to-date blijven is belangrijk.
- IDDSI (International Dysphagia Diet Standardisation Initiative) is een internationaal ontwikkeld en gevalideerd classificatiesysteem dat consistenties van voeding en dranken standaardiseert voor personen met slikproblemen. Het is cruciaal om de meest recente IDDSI 2.0-versie correct en zichtbaar te implementeren. De impact van verouderde systemen kan funest zijn voor bepaalde patiënten.
- De maatschappelijke verschuiving richting meer duurzame voedingssystemen, waaronder de zogenaamde eiwittransitie, heeft ook implicaties voor de klinische voedingszorg. Een nauwe samenwerking tussen diëtisten, artsen, voedingsdiensten en beleidsmakers is nodig om te voorkomen dat ecologische ambities onbedoeld leiden tot een lagere eiwitdensiteit of een verminderde acceptatie van maaltijden bij kwetsbare patiënten.
- Een ‘blended diet’ bestaat uit volwaardige voedingsmiddelen die zo fijn gemixt zijn dat ze via een spuit kunnen worden toegediend in een voedingssonde die direct in de maag gaat. Er is veel variatie mogelijk en de patiënt kan meer ‘maaltijdbeleving’ ervaren door ‘mee te eten’ met zijn of haar omgeving. De continue professionele begeleiding op nutritioneel vlak maar ook qua voedselveiligheid beperkt voorlopig nog de praktische haalbaarheid van ‘blended diets’ binnen zorginstellingen.
Voeding vervult een fundamentele rol in het menselijk functioneren als bron van energie en nutriënten, maar ook als essentieel onderdeel van sociale interactie, culturele beleving en kwaliteit van leven. Maaltijden structureren de dag, bevorderen sociale participatie en dragen bij aan het gevoel van autonomie en welzijn.
Wanneer slikken niet langer vanzelfsprekend verloopt, verandert de betekenis en ervaring van eten ingrijpend. Dysfagie kan leiden tot verminderde orale inname, angst voor verslikken, vermoeidheid tijdens de maaltijd en bijgevolg ook tot een verhoogd risico op ondervoeding, dehydratie, sociaal isolement en verlies aan levenskwaliteit. Alternatieve voedingsondersteuning, zoals maaltijden met een aangepaste consistentie of enterale voeding via een sonde, kan noodzakelijk zijn om een adequate voedingsstatus te waarborgen.
Figuur 1: Aandachtspunten bij voeding en dysfagie

Meer lezen over voeding en dysfagie
IDDSI voor een eenduidige terminologie
IDDSI (International Dysphagia Diet Standardisation Initiative) is een internationaal ontwikkeld en gevalideerd classificatiesysteem dat consistenties van voeding en dranken standaardiseert voor personen met slikproblemen. De voedingsconsistentie is afhankelijk van de indicatie en moet worden afgestemd op de patiënt.
IDDSI
Het IDDSI-raamwerk beschrijft acht niveaus (0–7) op basis van meetbare kenmerken zoals viscositeit, textuur en kauwbaarheid, en koppelt deze aan praktische testmethoden om uniformiteit in de klinische praktijk te waarborgen (Figuur 2). Door wereldwijd een eenduidige terminologie te hanteren, bevordert IDDSI de communicatie tussen zorgverleners, keukenmedewerkers en industrie, met als doel de slikveiligheid en voedingsadequaatheid van patiënten met dysfagie te optimaliseren. Wanneer een patiënt bijvoorbeeld wordt overgeplaatst naar een andere afdeling of instelling, moet hij voedsel krijgen met dezelfde consistentie. Anders verhoogt het risico op verslikken en kan zijn of haar angst om te eten toenemen.
IDDSI werd in 2013 opgericht en vormt intussen een goed gekende en breed ingezette manier van communiceren over voedingsconsistentie. Toch wordt er in keukens, afdelingsmappen of opleidingsmaterialen in zorginstellingen en grootkeukens nog regelmatig gebruik gemaakt van verouderde schema’s of lokaal aangepaste versies van het IDDSI-raamwerk. Dit kan leiden tot onduidelijkheid in terminologie, foutieve interpretaties van consistentieniveaus en uiteindelijk tot veiligheidsrisico’s voor patiënten.
IDDSI 2.0
In het huidige IDDSI-raamwerk (versie 2.0) omvat level 7 twee afzonderlijke categorieën: ‘Makkelijk te kauwen’ en ‘Normaal’. Deze differentiatie is klinisch relevant. ‘Makkelijk te kauwen’ is bedoeld voor patiënten met beperkte kauwkracht of verminderde orale controle. ‘Normaal’ verwijst daarentegen naar normale, niet-aangepaste voeding. Wanneer deze nuance niet correct wordt weergegeven of begrepen, bestaat het risico dat patiënten voeding ontvangen die niet aansluit bij hun functionele mogelijkheden. Dit kan leiden tot minder eten, meer vermoeidheid tijdens de maaltijd en/of meer risico op verslikken.
Standaardisatie correct, consistent en actueel toepassen
De meest recente IDDSI 2.0-versie correct en zichtbaar implementeren is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van logopedisten, diëtisten, (dieet-)keukens en kwaliteitscoördinatoren. Daarnaast is regelmatige bijscholing van zorg- en keukenpersoneel noodzakelijk om een uniforme terminologie te waarborgen.
Standaardisatie is enkel effectief wanneer deze correct, consistent en actueel wordt toegepast. Een verouderd schema lijkt op het eerste gezicht een detail, maar kan in de dagelijkse praktijk belangrijke gevolgen hebben voor zowel de veiligheid als de voedingstoestand van patiënten.
Figuur 2: IDDS-framework 2.0 (1)

Mogelijke impact van nieuwe inzichten omtrent de eiwittransitie
De maatschappelijke verschuiving richting meer duurzame voedingssystemen heeft ook implicaties voor de klinische voedingszorg. De zogenaamde eiwittransitie - de verschuiving naar een voedingspatroon met minder dierlijke en meer plantaardige eiwitbronnen - wordt primair gedreven door ecologische en ethische overwegingen, maar is ook van invloed op ons voedingsaanbod, productontwikkeling en dieetpatronen binnen zorginstellingen. Voor patiënten met dysfagie en een verhoogd risico op malnutritie, cachexie en sarcopenie roept deze ontwikkeling relevante klinische vragen op.
Belang van eiwitten
Eiwitten spelen een centrale rol in het behoud en het herstel van de spiermassa en -functie. Bij dysfagie is dit bijzonder relevant. Sarcopenie is een systemische aandoening waarbij ook de slikmusculatuur kan worden aangetast. Dit kan leiden tot sarcopenische dysfagie (2). Cachexie, dat frequent voorkomt bij oncologische en chronische inflammatoire aandoeningen, gaat gepaard met een complexe metabole ontregeling waarbij een verhoogde eiwitbehoefte en een verminderde inname samenkomen. In deze context is een adequate en kwalitatief hoogwaardige eiwitinname essentieel, zowel ter preventie als ter behandeling van ondervoeding.
Kwaliteit van eiwitten
Plantaardige eiwitbronnen bevatten doorgaans minder essentiële aminozuren per gram en hebben een lagere verteerbaarheid dan dierlijke eiwitten. Dat vraagt de nodige aandacht bij dysfagiepatiënten met een beperkte orale inname die dus maar kleine porties nemen.
Meer lezen over eiwitbronnen in een gezonde en duurzame voeding
Tegelijkertijd worden er steeds meer innovatieve eiwitproducten ontwikkeld, zoals verrijkte plantaardige eiwitpreparaten, hybride eiwitmengsels en textuurgeoptimaliseerde eiwitrijke voedingen die geschikt zijn voor maaltijden met aangepaste consistenties.
In de enterale voeding is er eveneens een evolutie naar formules met meer plant-dominante eiwitmixen. Recente klinische gegevens, waaronder de studie ‘Gastrointestinal tolerance and compliance of reformulated tube feeds with a plant-dominant protein blend’, suggereren dat dergelijke herformuleringen een goede gastro-intestinale tolerantie en therapietrouw kunnen ondersteunen (3).
Dieetplanning
Voor de preventie en behandeling van malnutritie moeten eiwitkwaliteit, aminozuurprofiel en biologische beschikbaarheid expliciet worden meegenomen in de dieetplanning. Het volstaat niet om uitsluitend de benodigde hoeveelheid eiwitten te berekenen. Ook de spreiding over de dag en de aanwezigheid van voldoende beschikbaar leucine, cruciaal voor spiereiwitsynthese, verdienen aandacht. In de strijd tegen sarcopenie kan een hogere eiwitinname per maaltijd noodzakelijk zijn om de anabole drempel te bereiken, terwijl bij cachexie een geïntegreerde aanpak vereist is waarin voeding, inflammatiecontrole en waar mogelijk ook fysieke training worden gecombineerd.
Klinische noodzaak boven ecologische ambities
Binnen zorginstellingen kan de implementatie van duurzaamheidsdoelstellingen invloed hebben op het inkoopbeleid en de menuplanning. Een nauwe samenwerking tussen diëtisten, artsen, voedingsdiensten en beleidsmakers is nodig om te voorkomen dat ecologische ambities onbedoeld leiden tot een lagere eiwitdensiteit of een verminderde acceptatie van maaltijden bij kwetsbare patiënten. Zeker bij patiënten met dysfagie, die vaak al te maken hebben met minder eetlust en andere texturen, moeten smaak, herkenbaarheid en eiwitverrijking expliciet worden bewaakt.
De eiwittransitie hoeft geen tegenstelling te vormen met optimale klinische zorg. Integendeel, zij kan innovatie stimuleren in de ontwikkeling van eiwitrijke, smaakvolle en textuurgeschikte producten die zowel duurzamer als medisch adequaat zijn. Voorwaarde is wel dat de klinische noodzaak bij kwetsbare populaties leidend blijft. Preventie en behandeling van malnutritie, sarcopenie en cachexie bij dysfagie vereisen een evidence-based benadering waarin duurzaamheid wordt geïntegreerd, maar die niet ten koste mag gaan van nutritionele toereikendheid, herstelkansen en kwaliteit van leven.
‘Blended diet’ als nieuwe strategie
De toenemende aandacht voor persoonsgerichte zorg heeft ook binnen de enterale voedingszorg geleid tot hernieuwde interesse in het zogenoemde ‘blended diet’ of de ‘blenderized tube feeding’ (BTF). In tegenstelling tot standaard industriële sondevoedingen, die gebaseerd zijn op gestandaardiseerde vloeibare formules, bestaat een ‘blended diet’ uit volwaardige voedingsmiddelen die zo fijn gemixt zijn dat ze via een spuit kunnen worden toegediend in een voedingssonde die direct de maag in gaat. Wat aanvankelijk vooral werd gezien als een alternatief binnen de pediatrie, krijgt inmiddels ook bij volwassenen meer aandacht als innovatieve benadering binnen de dysfagiezorg als gedeeltelijke of volledige vervanging van kant-en-klare sondevoeding.
Inclusie van psychosociale dimensies
De innovatie van ‘blended diet’ ligt niet uitsluitend in zijn samenstelling, maar ook in de onderliggende visie. Waar traditionele sondevoeding primair gericht is op de invulling van de macro- en de micronutriëntenbehoeften, integreert ‘blended feeding’ ook expliciet psychosociale dimensies van voeding. Herkenbare voedingsmiddelen gebruiken kan bijdragen aan een gevoel van normaliteit, betrokkenheid en autonomie. Voor patiënten en mantelzorgers biedt de mogelijkheid om zelf ingrediënten en recepten (bv. witloofgratin met hesp en kaassaus) te kiezen of te bereiden voor een grotere mate van controle en participatie in het voedingsproces. Er is veel variatie mogelijk en de patiënt kan meer ‘maaltijdbeleving’ ervaren door ‘mee te eten’ met zijn of haar omgeving. Dit kan het gevoel van vervreemding dat gepaard gaat met sondevoeding verminderen en de kwaliteit van leven positief beïnvloeden. Vooral bij langdurige sondeafhankelijkheid speelt deze psychosociale component een niet te onderschatten rol.
Potentiële voordelen maar meer grootschalig onderzoek is nodig
Kleinere, voornamelijk observationele studies en praktijkrapportages wijzen op potentiële voordelen op het vlak van gastro-intestinale tolerantie (4). Er zijn bij sommige patiëntengroepen signalen van verminderde refluxklachten, minder diarree of obstipatie en een verbeterde stoelgangconsistentie. Mogelijke verklaringen zijn de hogere viscositeit, de aanwezigheid van natuurlijke vezels en bioactieve componenten uit volwaardige voedingsmiddelen en een andere osmolaliteit vergeleken met standaardformules. De huidige evidentie is echter nog beperkt en heterogeen. Grootschalige gerandomiseerde studies ontbreken vooralsnog.
Nauwkeurige expertise en monitoring is vereist
Vanuit nutritioneel perspectief vraagt ‘blended feeding’ om een zorgvuldige samenstelling en monitoring. Variatie in viscositeit, energiedichtheid en micronutriëntensamenstelling vereisen begeleiding door een erkende diëtist met expertise in enterale voeding.
De implementatie van het ‘blended diet’-principe vereist tevens continu veel aandacht voor voedselveiligheid (hygiënisch bereiden en correct bewaren) en sondecompatibiliteit. Verstoppingsrisico’s en microbiologische veiligheid moeten zorgvuldig worden gemonitord. Niet elke patiënt is hier thuis toe in staat. De praktische haalbaarheid binnen zorginstellingen kan hierdoor eveneens een beperkende factor zijn (5).
Meer informatie en inspiratie
- Recepten voor mensen met slikproblemen: https://datisevenslikken.nl/
- M. Sels. Goed Glad. Voedzame recepten met aangepaste textuur voor iedereen. Pelckmans - 9789462348127- 1 september 2025
- IDDSI-raamwerk – Testmethoden 2.0 – 2019 - https://www.iddsi.org/images/Publications-Resources/DetailedDefnTestMethods/Dutch/V2TestingMethodsDutch.PDF
- Murakami K, Hirano H, Watanabe Y, et al. Relationship between swallowing function and the skeletal muscle mass of older adults requiring long-term care. Geriatr Gerontol Int 2015; 15: 1185-1192
- van den Berg C.A. et al. Gastrointestinal tolerance and compliance of reformulated tube feeds with a plant-dominant protein blend. Clinical Nutrition ESPEN 2024, Volume 63, 1310
- Phillips Gemma et al. Blended diets for tube-fed children and young people: A rapid review update. Clinical Nutrition ESPEN 2024, Volume 61, 456
- Queiroz, A. Evidence Summary. Enteral Tube Feeding (Adults): Blenderized vs Commercial Formula. The JBI EBP Database. 2022; JBI-ES-3770-2.
Lees meer
Expert aan het woord - Voeding en dysfagie
Dr. ir. G. Vlaemynck over de urgente zoektocht naar manieren om ook voor mensen met slik- en kauwproblemen smakelijke maaltijden te bereiden.
Malnutritie
Ondervoeding en malnutritie kunnen de gezondheid aantasten en behandeling en herstel bij ziekte bemoeilijken. Ook hier blijft voorkomen beter dan genezen.
Eiwitten in de voeding
Eiwitten komen voor in tal van voedingsmiddelen, dierlijke en plantaardige. Behalve het eiwitgehalte is ook de kwaliteit van de eiwitten belangrijk.