leestijd

Zuivel en gezondheid

Melk, yoghurt en kaas dragen bij tot een gezonde voeding voor een goede gezondheid. Wat is bewezen en wat vergt bijkomend onderzoek?

Zuivel en gezondheid

Melk, yoghurt en kaas zijn nutriëntrijk en dragen bij tot een gezonde voeding. Zij vormen globaal een belangrijke bron van hoogwaardige eiwitten, calcium, kalium, jodium, vitamine B2 en B12 en dragen als onderdeel van een gezonde voeding bij tot de inname van de aanbevolen hoeveelheid van deze essentiële voedingstoffen, waarvan bij veel Belgen vandaag nog tekorten worden vastgesteld.

Van een reductionistische naar een meer holistische aanpak

Het gezondheidseffect van voedingsmiddelen blijkt vaak verschillend dan die van hun individuele nutriënten. De voedingsmatrix speelt hierin waarschijnlijk een rol. De nutritionele samenstelling, waaronder het vetgehalte, kan variëren maar ook de structuur (bv. vaste kaas, vloeibare melk) en gebruikelijke verwerkingsmethoden (bv. al dan niet gefermenteerd) kunnen het onderzochte effect op de gezondheid beïnvloeden. Dat maakt het onderzoek naar het verband tussen de consumptie van de veelzijdige productgroep melkproducten en het effect op de gezondheid moeilijk.

Globale gezondheidseffecten van melkproducten

Bij de indeling van voedingsmiddelen in de voedingsdriehoek is ook gekeken naar het bewezen effect van melkproducten op de gezondheid en niet alleen naar het gezondheidseffect van hun afzonderlijke voedingsstoffen. Melkproducten behoren tot de lichtgroene zone van de voedingsdriehoek. Op basis van de huidige wetenschappelijke bevindingen besluit men dat er geen bewijs is dat de consumptie van melkproducten geassocieerd is met belangrijke voedingsgerelateerde chronische aandoeningen. Integendeel, het gebruik van melkproducten is in verband gebracht met een betere botgezondheid en een verlaagd risico op darmkanker en diabetes type 2. Voor melkproducten met een verlaagd vetgehalte zijn deze bevindingen vooralsnog sterker dan voor volle melkproducten. Er zijn eveneens aanwijzingen van een gunstig verband tussen de consumptie van melkproducten en cardiovasculaire ziekten maar de bewijskracht hiervoor nog te beperkt voor eenduidige richtlijnen. Er zijn ook nog te weinig gegevens om uitspraken te doen over een verband tussen het gebruik van melkproducten en het risico op botfracturen.

Zuivel en botgezondheid

Melkproducten dragen als onderdeel van een gezonde voeding bij tot een goede botgezondheid op elke leeftijd. Ze zijn goed beschikbare en efficiënte bronnen van calcium en eiwitten en leveren tegelijkertijd ook nog andere nutriënten die de botgezondheid ondersteunen zoals fosfor, kalium en zink. Onderzoek heeft aangetoond dat een tekort aan calcium, eiwitten en vitamine D de botintegriteit kan aantasten. De aanbevolen hoeveelheid melk en melkproducten levert ongeveer 60 % van de benodigde hoeveelheid calcium.
Naast calcium, eiwitten en vitamine D bepalen ook nog andere factoren mee de botgezondheid, zoals onze genen, de hormonenhuishouding, voldoende fysieke activiteit, voldoende groenten en fruit eten, matig zijn met zout en alcohol en niet roken.

Zuivel en osteoporose

Er is geen bewijs dat melk en melkproducten osteoporose bevorderen. Correlaties die sommige studies hebben gevonden mogen niet zomaar worden vertaald naar oorzaak-gevolgrelaties. Andere factoren dan melkgebruik kunnen eveneens van invloed zijn. De botmassa en het risico op osteoporose en op fracturen zijn afhankelijk van een samenspel van verschillende factoren zoals genetische aanleg, calcium en andere voedingsfactoren, fysieke activiteit, blootstelling aan zonlicht, leefstijl, leeftijd, hormonenhuishouding en bepaalde medicatie. Met deze multifactoriële complexiteit moet ook rekening worden gehouden bij de interpretatie en duiding van onderzoeksresultaten met betrekking tot de botgezondheid en osteoporose.

Zuivel en sarcopenie

Met het ouder worden neemt de kans op osteoporose (lage botdichtheid en aantasting van de botstructuur) maar ook op sarcopenie toe (verlies aan spiermassa, spierkracht en spierfunctie ten gevolge van veroudering). Dat verhoogt het risico op vallen en botbreuken. Behalve de botten moeten dus ook de spieren en hun spierkracht worden onderhouden. De richtlijnen ter preventie van osteoporose en van sarcopenie liggen in dezelfde lijn: voldoende kwaliteitseiwitten (rijk aan essentiële aminozuren en goed biologisch beschikbaar) innemen en zoveel mogelijk fysiek actief blijven, gezond eten en voldoende energie, vitamine D en calcium binnenkrijgen. Essentiële aminozuren stimuleren de spiereiwitsynthese. Vooral het vertakteketenaminozuur leucine lijkt hierin een belangrijke signaalfunctie te vervullen. Melkeiwit en met name wei-eiwit is de voornaamste bron van leucine in de voeding. Voldoende melk en melkproducten als onderdeel van een gezonde voeding past binnen dit plaatje.

Zuivel en overgewicht

Melk is voedzaam, en dat wordt nogal eens onterecht verward met ‘veel calorieën’. Wie kiest voor ongezoete en magere of halfvolle melk in de aanbevolen hoeveelheden, krijgt niet te veel calorieën binnen maar wel een gezonde dosis essentiële nutriënten. Er zijn bovendien aanwijzingen dat melkproducten zelfs een gunstige rol kunnen spelen in gewichtsbeheersing.
Verschillende onderzoeken suggereren dat de consumptie van magere melkproducten in het kader van een energiebeperkte voeding een gunstig effect heeft op het lichaamsgewicht en op de hoeveelheid lichaamsvet. Ook de vetvrije massa blijft beter gespaard. De mogelijke achterliggende mechanismen - een calcium- en eiwiteffect op lipolyse, lipogenese, vetzuurabsorptie en verzadiging - zijn nog niet volledig uitgeklaard. Het extra gewichtsverlies is bovendien beperkt. Zuivel kan dus zeker niet worden bestempeld als een wondermiddel. Halfvolle melk en melkproducten zonder toegevoegde suiker krijgen de voorkeur in een gezonde voeding.

Zuivel en kanker

De wetenschappelijke referentie voor de relatie tussen voeding en kanker is het studiewerk van het “World Cancer Research Fund” (WCRF) dat regelmatig wordt geactualiseerd.
De WCRF stelt tot op vandaag dat er geen bewijs is dat melk en melkproducten het risico op kanker verhogen. Er is vandaag ook te weinig wetenschappelijk bewijs dat melk en melkproducten en een voeding rijk aan calcium het risico op prostaatkanker verhogen.
Melk verlaagt daarentegen waarschijnlijk wel het risico op colorectaalkanker.

Zuivel en hart- en vaatziekten

Melkproducten bevatten naargelang hun vetgehalte meer of minder verzadigde vetzuren. Vanuit de idee dat verzadigde vetzuren de LDL-cholesterol verhogen en zo ook het risico op hart- en vaatziekten, worden zuivelproducten vaak ontraden. De meeste observationele studies en meta-analyses vinden echter geen verband tussen de inname van melkproducten (melk, yoghurt, kaas) en een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Soms integendeel, melk drinken is mogelijk geassocieerd met een lager risico op beroerte en yoghurt eten met een lager risico op diabetes type 2.  Diabetes type 2 en hoge bloeddruk zijn belangrijke risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Omdat de resultaten voor volle melk en melkproducten nog tegenstrijdig zijn, krijgen magere en halfvolle melk en melkproducten vooralsnog de voorkeur.

De verklaring voor deze bevindingen is waarschijnlijk te zoeken in de unieke samenstelling van melk en melkproducten (zuivelmatrix). Melkvet bevat een mix van verschillende vetzuren met verschillende fysiologische effecten. Daarnaast spelen ook nog andere voedingsstoffen in melkproducten mee, zoals calcium en kalium die een gunstige invloed hebben op verschillende risicofactoren van cardiovasculaire aandoeningen. Ook bepaalde fermentatiemechanismen kunnen van invloed zijn.
De geschatte gemiddelde inname van natuurlijke transvetzuren via zuivel is in de meeste landen laag en het wetenschappelijke bewijs voor nadelige gezondheidseffecten van dergelijke hoeveelheden wekken weinig bezorgdheid.

Zuivel en voedselovergevoeligheid

Lactose-intolerantie is een vorm van voedselovergevoeligheid. Het komt bij ons maar bij een minderheid van de bevolking voor en vereist een individueel aangepaste voeding.
Een koemelkeiwitallergie is een eerder zeldzame reactie van het immuunsysteem op melkeiwitten. Het treft vooral jonge kinderen. Gemiddeld 1 tot 3 % van de pasgeborenen zou tijdens de eerste levensmaanden een koemelkeiwitallergie ontwikkelen. Kinderen met een koemelkeiwitallergie kunnen ook allergisch reageren op melk van andere diersoorten (geit, schaap, paard) en op melksubstituten op basis van soja. Deze allergie vermindert meestal vanaf de leeftijd van 2 jaar. De beste preventie is exclusief borstvoeding geven tot de leeftijd van 4 tot 6 maanden. Als borstvoeding niet mogelijk is, kan men bij een verhoogd risico op een allergie uit voorzorg geschikte hydrolysaten geven. Om melk en melkproducten op latere leeftijd adequaat in de dagelijkse voeding te vervangen is deskundige dieetbegeleiding cruciaal om voedingstekorten en daarmee gepaard gaande gezondheidsproblemen te vermijden.

Referenties
  1. Vlaams Instituut Gezond Leven (2017) Onderbouwing inhoudelijke visie voeding en gezondheid. Achtergronddocument bij vernieuwde richtlijnen en visuele voorstelling van de voedingsdriehoek. Laken (Brussel), Online: gezondleven.be
  2. https://www.gezondleven.be/themas/voeding/voedingsdriehoek/melk (geraadpleegd 8 december 2018)
  3. https://www.gezondleven.be/themas/voeding/voedingsdriehoek/kaas (geraadpleegd 8 december 2018)
  4. De voedingsaanbevelingen voor België. Hoge Gezondheidsraad. Voedingsaanbevelingen voor België. Herziening 2016.
  5. Gezondheidsraad. Richtlijnen goede voeding 2015. Den Haag: Gezondheidsraad, 2015; publicatienr. 2015/24.
  6. Anses. Actualisation des repères du PNNS: révision des repères de consommations alimentaires. Avis de l’Anses. Rapport d’expertise collective. Décembre 2016
  7. Fardet A, Boirie Y. Associations between food and beverage groups and major diet-related chronic diseases: an exhaustive review of pooled/meta-analyses and systematic reviews. Nutr Rev. 2014;72(12):741-62
  8. Kongerslev Thorning T. et al. Whole dairy matrix or single nutrients in assessment of health effects: current evidence and knowledge gaps. Am J Clin Nutr 2017; 105 (5): 1033-1045
  9. www.iofbonehealth.org/nutrition
  10. Weaver C. et al. The National Osteoporosis Foundation's position statement on peak bone mass development and lifestyle factors: a systematic review and implementation recommendations. Osteoporosis International 2016; 27 (4): 1281 – 1386
  11. https://www.wcrf.org/dietandcancer
  12. The National Osteoporosis Foundation's position statement on peak bone mass development and life
  13. Werkgroep Voeding  van de Vlaamse Vereniging Kindergeneeskunde  In samenwerking met de Vlaamse Pediatrische Diëtisten  en  Kind en Gezin. Richtlijnen over  borstvoeding en kunstvoeding  voor zuigelingen van 0 tot 12 maand

Gerelateerde artikels

Aanbevelingen voor zuivel

Melk, yoghurt en kaas passen in een gezonde voeding. Hoe kan je er optimaal van de voedings- en gezondheidstroeven van zuivel genieten?

Milk Nutritious By Nature

European Milk Forum (EMF) werkt nauw samen met voedingsdeskundigen en informeert over recente wetenschappelijke inzichten en aanbevelingen over zuivel.

OP DEZE PAGINA