leestijd

Wat is overgewicht en obesitas?

Overgewicht en obesitas behoren in onze westerse maatschappij tot de belangrijkste gezondheidsproblemen. In de meeste gevallen hangt het probleem van overgewicht en obesitas samen met leefstijlfactoren zoals ongezonde eetgewoonten, een sedentaire leefstijl en te weinig lichaamsbeweging.

Wat is overgewicht en obesitas?

Wanneer is er sprake van overgewicht of obesitas?

Overgewicht of obesitas is een aandoening die wordt gekenmerkt door een overtollige hoeveelheid vetweefsel in het lichaam dat schadelijk kan zijn voor de gezondheid.
Directe metingen van het totale lichaamsvet zijn in de praktijk moeilijk uit te voeren. Daarom gebruikt men indirecte methodes bij de beoordeling van het gewicht. De meest gebruikte methode is de berekening van de Body Mass Index (BMI). De BMI zegt echter niets over hoe het vet over het lichaam is verdeeld. Je middelomtrek berekenen geeft samen met de BMI een nog globaler beeld van je gezondheidsrisico. 

Wat vertelt de BMI?

Met de BMI kan er op een snelle en eenvoudige manier een schatting worden gemaakt van de hoeveelheid lichaamsvet. Een hoge BMI-score wordt geassocieerd met een verhoogde hoeveelheid lichaamsvet.

       BMI  =        lichaamsgewicht (in kg)    
                    (lengte (in m) x lengte (in m))

  • BMI < 18,5: een te laag gewicht volgens de lengte (ondergewicht)
  • 18,5 < BMI < 24,9: een normaal gezond gewicht
  • 25 < BMI < 29,9: overgewicht
  • BMI > 30: obesitas
  • BMI > 40: morbide obesitas
Wat vertelt de middelomtrek?

De BMI zegt echter niets over hoe het vet over het lichaam verdeeld is. Iemand met veel vet rond de buik (appeltype) loopt meer gezondheidsrisico’s (bijvoorbeeld meer kans op diabetes en hart- en vaatziekten) dan iemand met wat vet rond de heupen en dijen (peertype). De middelomtrek (gemeten ter hoogte van de navel net onder de onderste ribben terwijl je uitademt) is een goede maat voor het buikvet. Mannen hebben een appelfiguur bij een resultaat hoger dan 94 cm en een sterk verhoogd gezondheidsrisico bij meer dan 102 cm, vrouwen bij een resultaat hoger dan 80 cm en een sterk verhoogd gezondheidsrisico bij meer dan 88 cm.

De criteria voor de beoordeling van BMI en middelomtrek gelden pas vanaf 18 jaar. Voor kinderen zijn er andere richtlijnen. De BMI varieert in de kinderjaren immers sterk al naargelang de leeftijd en het geslacht. De beoordeling van de BMI-waarden van kinderen jonger dan 18 jaar gebeurt door ze uit te zetten op de Vlaamse percentielcurven.

Hoe vaak komt overgewicht en obesitas voor?

Overgewicht dreigt het nieuwe normaal te worden. Op basis van de meest recente cijfers van de Wereld Gezondheidsorganisatie kampte in 2016 wereldwijd ongeveer 40 % van de volwassenen (ouder dan 18 jaar) met overgewicht en 13 % van de volwassenen met obesitas. Dat komt overeen met ongeveer 1,9 biljoen volwassenen en 650 miljoen volwassenen met overgewicht en obesitas respectievelijk. Verder bleek meer dan 340 miljoen kinderen tussen de 5 en 19 jaar in 2016 met overgewicht of obesitas te kampen en hadden 41 miljoen kinderen jonger dan 5 jaar overgewicht of obesitas.
In België bleek uit de Voedselconsumptiepeiling van 2014 dat 23 % van de 18 tot en met 34-jarigen, 34 % van de 35 tot en met 50-jarigen en bijna 44 % van de 51 tot en met 64-jarigen met overgewicht kampte. Voor obesitas waren de cijfers in 2014 als volgt: 12 % van de 18 tot en met 34-jarigen, 21 % van 35 tot en met de 50-jarigen en 25 % van de 51 tot en met 64-jarigen. Verder bleek 11 % van de 3 tot en met 5-jarigen, 12 % van de 6 tot en met 9-jarigen, 15 % van de 10 tot en met 13-jarigen en 12 % van de 14 tot en met 17 jarigen met overgewicht te kampen. Voor obesitas lagen de cijfers wat lager: 3 % van de 3 tot en met 5-jarigen, bijna 4 % van de 6 tot en met 13-jarigen en ongeveer 5 % van de 14 tot en met 17-jarigen.

Oorzaken van overgewicht en obesitas

Overgewicht is het gevolg van een langdurige onevenwichtige energiebalans: de dagelijkse energie-inname overtreft het energieverbruik. Overgewicht en obesitas worden veroorzaakt door een complex samenspel van genetische, biologische, psychologische, sociale en culturele factoren. Ook de actuele obesogene omgeving speelt een belangrijke rol. Die wordt gekenmerkt door een overaanbod aan energie- en vetrijke voedingsmiddelen en een sedentaire leefstijl.
Overgewicht wordt maar zelden veroorzaakt door medicijngebruik (bv. psychofarmaca, geslachtshormonen), hormonale stoornissen (bv. bij de overgang, na een zwangerschap, hyperthyroïdie), erfelijke aandoeningen of letsels aan het centraal zenuwstelsel (gebrek aan verzadigingsgevoel). Stoppen met roken, stress of sociale veranderingen kunnen het ontstaan van overgewicht wel in de hand werken.

Wat is de relatie tussen stress en overgewicht

Chronische stress kan aanleiding geven tot een verhoogde eetlust en overconsumptie van onder meer troostvoedsel (energierijke voedingsmiddelen rijk aan suikers en vet) en op die manier bijdragen aan de ontwikkeling van zwaarlijvigheid.

Lees hier meer over waarom stress een verhoogde eetlust kan opwekken

Wat is de rol van onze genen bij het ontstaan van overgewicht?

Bij de gemiddelde bevolking wordt 35 tot 40 % van het gewicht bepaald door genetische factoren. Wellicht zijn er veel verschillende genen betrokken. De invloed van omgevings- en individuele gedragsfactoren lijkt echter toch van doorslaggevende betekenis. Niet alleen de genen maar ook de eet- en leefstijl worden vaak doorgegeven van generatie op generatie. 
De mate waarin men verdikt kan genetisch bepaald zijn, maar hoeveel men uiteindelijk verzwaart, bepaalt men voor een belangrijk deel zelf. De balans tussen de energie-inname en het energieverbruik heeft men zelf in de hand met wat men eet en hoeveel men beweegt. Het zit dus niet alleen maar in de familie.

Welke rol speelt bruin vetweefsel in de strijd tegen obesitas?

De ontdekking van bruin vetweefsel bij volwassenen is zeer recent. Tot voor enkele jaren dacht men dat bruin vetweefsel enkel bij baby’s voorkwam maar bij volwassenen nagenoeg onbestaand was of van geen fysiologisch belang. Ondertussen staat het onderzoek naar de rol van bruin vetweefsel hoog op de agenda en volgen de resultaten elkaar zeer snel op. Men is het er intussen over eens dat bruin vetweefsel een belangrijke rol speelt in de energiehomeostase bij volwassenen. Dat en de vaststelling dat slanke mensen meer bruin vetweefsel hebben dan obesen voedt de hoop dat de activatie van de aanmaak van bruin vetweefsel een efficiënte behandeling van overgewicht en obesitas kan worden. Zijn dergelijke hoge verwachtingen op basis van de huidige stand in het onderzoek terecht?

Lees hier meer over de rol van bruin vetweefsel

Gezondheidsrisico’s van overgewicht en obesitas

Een hoge BMI gaat gepaard met een verhoogd risico op de ontwikkeling van niet-overdraagbare aandoeningen zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten, sommige types van kanker en gewrichtsproblemen. De meeste van deze complicaties zijn chronisch. Dat betekent dat ze pas tot uiting komen op langere termijn, meestal pas na verloop van jaren.
Ook andere, vaak minder voor de hand liggende problemen, komen meer voor bij mensen met obesitas. Zij hebben twee maal meer risico op auto-ongelukken, nemen in het algemeen meer ziekteverlof, lopen meer kans op arbeidsongeschiktheid, (arbeids)discriminatie en een lager inkomen, behalen doorgaans een lager educatieniveau en treden minder in het huwelijk.

De paradox van over- en ondervoeding

Als gevolg van een overdadig maar tevens eenzijdig voedingspatroon kan de dagelijkse energie-inname groot zijn maar de vitamine- en de mineraleninname in het gedrang komen. Iemand met overgewicht, kan desgevallend voedingstekorten vertonen die aanleiding kunnen geven tot bijkomende gezondheidsproblemen (bv. calciumtekort door een eenzijdige voeding en te weinig zuivelproducten kan het risico op osteoporose verhogen). De behandeling van overgewicht en obesitas moet daarom zich niet enkel richten op minder eten maar ook en vooral op een evenwichtig voedingspatroon met minder lege calorieën.

Aanpak overgewicht en obesitas

Omdat overgewicht en obesitas een multifactoriële aandoening is, vereist de behandeling ervan een interdisciplinaire aanpak. Verschillende disciplines – arts, specialist-arts, diëtist, psycholoog, kinesist – werken samen om het individu de beste ondersteuning te bieden. De aanpak van overgewicht en obesitas richt zich prioritair op leefstijlverandering: gezonder gaan eten, meer bewegen en een gezond lichaamsbeeld bevorderen. Dit moet uiteindelijk leiden tot gewichtsverlies en bijhorende gezondheidseffecten. Gezondheidseffecten zijn maar relevant als gewichtsverlies op lange termijn wordt volgehouden.

Lees meer over gezond afvallen

Vanaf welke BMI moet men een behandeling opstarten

Vanaf een BMI hoger dan 30 (obesitas) en overgewicht (BMI hoger dan 25) met comorbiditeit is behandeling aangewezen. Een behandeling kan maar succesvol zijn als de patiënt voldoende gemotiveerd is om zijn leefstijl te veranderen. In het geval van kinderen moeten ook de ouders en andere gezinsleden gemotiveerd zijn om aan de leefgewoonten van het gezin te werken en het kind te ondersteunen. 
Bij overgewicht (BMI van 25 tot 29,9) zonder comorbiditeit is het vooral belangrijk om op het gewicht te letten en zeker niet meer bij te komen. Voedings- en beweegadvies van de diëtist kan hiervoor nuttig of zelf noodzakelijk zijn.

Wanneer is begeleiding door een diëtist aangewezen bij overgewicht?

Het eerste aanspreekpunt voor mensen met overgewicht of obesitas is vaak hun huisarts. Deze zal de juiste diagnose stellen en indien nodig de behandeling opstarten. Als er sprake is van één van de volgende gegevens is bijkomende begeleiding door een diëtist aangewezen:

  • een BMI hoger dan 30 of een middelomtrek voor mannen hoger dan 102 cm en voor vrouwen hoger dan 88 cm;
  • een BMI hoger dan 25 of een middelomtrek voor mannen tussen 94 en 102 cm en voor vrouwen tussen 80 en 88 cm en één of meer risicofactoren voor cardiovasculaire aandoeningen (diabetes mellitus type 2, hypertensie, hyperlipidemie) en/of relevante nevendiagnose (bv. artrose);
  • op indicatie van de patiënt zelf;
  • een groot gebrek aan kennis over voeding bij de patiënt;
  • een gebrek aan vaardigheden bij de patiënt (bv. een evenwichtig en gevarieerd dag- of weekmenu samenstellen, gezond en lekker koken, het etiket lezen).

De diëtist is deskundig opgeleid om voedingsconsultaties (educatie en begeleiding) op een professionele en gestructureerde manier uit te voeren. De begeleiding door de diëtist is individueel gericht en verloopt stapsgewijs over meerdere patiëntencontacten of consulten. Elk stapsgewijs ingebouwd advies wordt bij het volgende consult geëvalueerd. De huisarts blijft een belangrijke coördinerende en motiverende rol vervullen ten aanzien van zijn patiënt. Een goede samenwerking tussen huisarts en diëtist biedt de beste ondersteuning van de patiënt.

Is gewicht verliezen de enige oplossing bij overgewicht?

Zowel het individu als de hulpverleners streven best naar gezondheid als realiseerbaar doel met de focus op duurzame gedragsverandering en aandacht voor een kwalitatieve voeding en voldoende beweging. Gewichtsverlies kan onderdeel zijn van de behandeling maar ook zonder of met weinig gewichtsverlies is gezondheidswinst mogelijk. Iemand met overgewicht is niet altijd per definitie metabool ongezond. Wie metabool gezond is – met of zonder overgewicht -, herken je aan een goede fysieke conditie, een gezond eetgedrag, normale bloedwaarden en minder visceraal vet. Gezondheid en gewicht is geen zwart-wit-verhaal.

Referenties
  1. Belgian Association for the Study of Obesity, „Een praktische gids voor de evaluatie en behandeling van overgewicht en obesitas,” BASO, Leuven, 2010
  2. The European Association fort he Study of Obesity. The science behind obesity. Beschikbaar via https://global.rethinkobesity.com/science.html. Geraadpleegd op 30 juli 2019.
  3. World Health Organization. Obesity and overweight – key facts. Beschikbaar via https://www.who.int/news-room/fact-sheets/detail/obesity-and-overweight. Geraadpleegd op 29 juli 2019.
  4. Eetexpert (2015). Aanpak van overgewicht en obesitas bij volwassenen. Draaiboek voor diëtisten. Brussel: Vlaamse Gemeenschap, Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (verkrijgbaar via Eetexpert.be vzw).
  5. Lebacq T. Antropometrie (BMI, buikomtrek en buikomtrek/lengte verhouding). In: Lebacq T, Teppers E.(ed.). Voedselconsumptiepeiling 2014-2015. Rapport 1. WIV-ISP, Brussel,2015.

Meer weten over overgewicht en obesitas?

Overgewicht en obesitas

Overgewicht en obesitas hangen nauw samen met ongezonde eetgewoonten en weinig beweging. Lees meer over de preventie en aanpak van overgewicht.

BROCHURE - Lijnvriendelijke voeding
Gratis Materiaal

Lijnvriendelijke voeding - Tips en tricks voor een gezond gewicht

Een gezond gewicht nastreven is geen straf. Het is zorg dragen voor jezelf. De basisregels om enkele kilootjes te veel weg te werken of gewoon op gewicht te blijven zijn dezelfde.

Ziekte & intolerantie

Soms volstaat gezonde voeding niet en is specifiek voedingsadvies van een diëtist noodzakelijk. Lees meer over voeding bij ziekte en intolerantie.

OP DEZE PAGINA